De Noorse oud-schaatser Amund Sjøbrend is op 4 oktober op 73-jarige leeftijd overleden na een kort ziekbed, zo maakte de Noorse schaatsbond bekend. De allrounder werd in 1981 op het ijs van het IJsselstadion in Deventer Europees kampioen en veroverde drie weken later in Oslo ook de wereldtitel. Zijn naam blijft in Nederland vooral verbonden aan zijn rivaliteit met Hilbert van der Duim, die dat jaar tot twee keer toe net naast het goud greep.

Wie was Amund Sjøbrend?

Sjøbrend groeide uit tot een van de meest geduchte allrounders van de jaren zeventig en tachtig. Samen met zijn landgenoten Sten Stensen, Kay Stenshjemmet en Jan Egil Storholt vormde hij de beroemde ‘vier S’en’, een kwartet dat in die jaren het internationale schaatsen domineerde en in eigen land de sport enorm populair maakte.

Lange tijd leefde Sjøbrend in de schaduw van zijn drie illustere teamgenoten. Pas in 1981, zijn absolute topjaar, brak hij definitief door met de Europese en wereldtitel allround.

Lees ook: VVV-Venlo wint Limburgse derby van Roda JC en stijgt naar plek drie

Het legendarische topjaar 1981 en de link met Van der Duim

Nederlandse schaatsliefhebbers kennen Sjøbrend vooral van zijn duels met Hilbert van der Duim, die dat seizoen de titelhouder was en in zowel Deventer als Oslo tot de favorieten behoorde.

De vogelpoep in Deventer

Tijdens het EK in Deventer zette Van der Duim de aanval op Sjøbrend in, maar hij gleed uit op het ijs. Volgens de Nederlander zelf kwam dat door vogelpoep op de baan. Voor Van der Duim restte zo het zilver, terwijl Sjøbrend de Europese titel pakte.

De blunder in Oslo

Drie weken later, bij het WK in Oslo, ging het opnieuw mis voor Van der Duim. Hij passeerde Sjøbrend vlak voor de finishlijn en dacht dat zijn rit erop zat, terwijl er nog een ronde te gaan was. De achterstand die hij daardoor opliep op Sjøbrend kon hij niet meer goedmaken, waardoor de Noor ook de wereldtitel binnenhaalde. Op de 5.000 meter profiteerde Sjøbrend bovendien van een inzinking van zijn eigen landgenoot en grote concurrent Stenshjemmet in de laatste ronde, wat hem goud op dat onderdeel opleverde.

Geen olympisch succes

Opvallend genoeg vertaalden de triomfen uit Sjøbrends gloriejaren zich nooit in olympisch succes. Op de Winterspelen van 1976 in Innsbruck bleef hij buiten de medailles. Vier jaar later miste hij de Spelen in de Verenigde Staten zelfs volledig, nadat hij in de aanloop naar de kwalificatiecyclus overtraind was geraakt.

Erfenis in het schaatsen

De ‘vier S’en’ worden tot op de dag van vandaag gezien als een van de belangrijkste generaties in de Noorse schaatsgeschiedenis, met een grote invloed op de populariteit van de sport in Noorwegen. Binnen dat kwartet waren het uiteindelijk alleen Sten Stensen en Sjøbrend die naast hun Europese titels ook een wereldtitel wisten te veroveren, respectievelijk in 1974 en 1981.

Voor de Nederlandse schaatssport blijft 1981 vooral het jaar van de twee pijnlijke missers van Van der Duim, die later wel wereldkampioen zou worden in 1980 en 1982. Het seizoen van Sjøbrend geldt in Noorwegen juist als het absolute hoogtepunt van zijn carrière, waarin hij eindelijk uit de schaduw van zijn beroemde teamgenoten trad.

Wat volgt er nu?

Over eventuele afscheidsplechtigheden of herdenkingen is vooralsnog niets naar buiten gebracht. De Noorse schaatsbond heeft het overlijden in overleg met de familie van Sjøbrend bekendgemaakt.